Roland is een 100% ondernemer zoals ik. Hij heeft geen schrik om vernieuwend te denken. Ik bewonder hem vooral omdat hij het volhoudt in de politiek, terwijl het daar allemaal zo traag vooruitgaat.
Voetballers veranderen van club zoals van onderbroek. Zo ver is het nog niet met Roland Duchâtelet, die deze zomer plots STVV inruilde voor Standard Luik. Maar het blijft een uitzonderlijke transfer. Wel jammer dat hij op de openingspagina van zijn persoonlijke website schrijft dat STVV nog steeds de club van zijn hart is. Vergeten aan te passen?
'Mr Duchâtelet, le Président' staat in vette rode letters op het kantoor van Roland Duchâtelet in de prachtige Académie Dreyfus. Het trainingscentrum van Standard Luik ligt in de heuvels aan de Maas, op enkele kilometers van Sclessin, het voetbalstadion van Standard Luik. Sclessin moet zo ongeveer het angstaanjagendste voetbalstadion van België zijn, gelegen in de schaduw van de grauwe staalfabrieken van Cockerill Sambre.
De eerste ploeg traint in een druilerige regen. Op de parking blinkt een indrukwekkend wagenpark: BMW X6, opgefokte sportmodellen van Mercedes, een groot uitgevallen Land Rover. Een eindje verder staat de grijze Citroën C5 break van de président. Ook zijn kantoor is zoals de man zelf: sober en eenvoudig.
Niettemin is dit een van de rijkste mensen van het land, met een geschat vermogen van enkele honderden miljoenen euro's. Hij richtte verschillende succesvolle bedrijven op in de technologiesector. Met zijn politieke beweging Vivant lanceerde hij enkele originele ideeën in de Belgische politiek, zoals een basisinkomen voor iedereen. Hij is ook eerste schepen voor de Open VLD in Sint-Truiden, waar hij in een bescheiden villa woont, pal naast het stadion van STVV, de eersteklasser van Sint-Truiden. Hij was er tot voor kort voorzitter en is via een constructie met zijn vriendin nog steeds eigenaar van het stadion. In het interview geeft Duchâtelet toe dat hij heel wat geld investeerde in STVV én er ook enkele miljoenen euro's aan verloor. Maar alles aan zijn lichaamstaal leert dat hij dat eigenlijk helemaal niet zo erg vindt.
Ik interviewde Roland Duchâtelet een jaar geleden over geld en armoede. Om het ijs te breken, vertelde ik Duchâtelet toen dat ik eigenlijk supporter was van Standard, maar dat bleek niet mijn beste openingszin ooit. Duchâtelet kon het grapje, als STVV-voorzitter, maar matig appreciëren. Als ik hem die anekdote op het einde van het interview vertel, begint hij hartelijk te lachen. Voor het eerst in bijna twee uur is Duchâtelet een beetje ontspannen. Want Duchâtelet is niet alleen een man met een plan; hij is immer op zijn hoede, wat achterdochtig en ook een beetje een tegendraadse keikop. Wat hij dan weer ontkent.
Waarom hebt u kort voor de zomervakantie plots beslist om 41miljoen euro te betalen voor Standard Luik? STVV was toch uw club?
'Ik had bedenkingen bij het bod van de Nederlander Peter Paul de Vries. Die bood 32 miljoen euro, terwijl zijn bedrijfje veel minder waard was. Dat was een zeer risicovol bod, gefinancierd door derden. Ik dacht na over de mogelijke gevolgen daarvan. De nieuwe eigenaar zou immers een hoge nood hebben om cash uit de club te halen, want hij werkt voor aandeelhouders. Die willen geld zien. Hij was bovendien een neofiet in het Belgische voetbal. Ik dacht: verdorie, straks ga ik mijn tijd verliezen in de voetbalbond door mensen erbij te krijgen met een onvoorspelbare visie.'
Paul D'hoore verspreidde via zijn beleggingsbrief het gerucht dat Pierre François, de algemeen directeur van Standard, u om advies had gevraagd omtrent het bod van Peter Paul de Vries.
'Dat klopt. Ernst & Young adviseerde de Russische weduwe Dreyfus bij de verkoop van haar aandelen in de club. Ik heb bij hen de boeken opgevraagd en heel snel een analyse gemaakt van de club. In die periode heb ik ook met Pierre François gesproken.'
En u kunt dan zomaar 41 miljoen euro op tafel leggen.
'De grootste uitdaging was dat er zo weinig tijd was om een grondige analyse te maken van het dossier.'
Dus nam u een groot risico?
'Dat doe je altijd, of bijna altijd. Je bent op voorhand nooit helemaal zeker van je succes.'
U zag, net als De Vries, snel de waarde van Standard, een financieel gezonde club.
'Ik denk dat Peter Paul de Vries een inschattingsfout maakte. Hij wist dat er redelijk veel cash op de bankrekening van Standard stond. Maar bij een voetbalclub is dat geld ook weer snel weg. (lacht) Het structurele verlies van Standard was met Nieuwjaar al opgelopen tot 5miljoen euro. De loonlasten worden immers niet gedekt door de inkomsten. Daarom ben je verplicht om Europees te spelen om rond te komen en om spelers te verkopen.'
Dan kom ik terug op mijn eerste vraag. Waarom doet u het dan? Toch niet om geld te verliezen?
'Ik doe het voor het voetbal en om de club in financieel evenwicht te houden. Ik denk dat het beter is dat deze club door een Belg wordt geleid én door iemand die daar ervaring mee heeft. En door iemand met de juiste visie op het Belgische voetbal. Het is ook goed voor Standard zelf. Ik heb meer financiële middelen dan Peter Paul de Vries. Véél meer. Standard kan dus beter tegen een stootje met mij dan met hem.'
'Als voorzitter van Standard krijg je bovendien een groter soortelijk gewicht dan als voorzitter van STVV. Na dit interview spreek ik bijvoorbeeld voor een groep Waalse ondernemers in de Cercle de Wallonie. Die komen luisteren naar wat ik te vertellen heb.'
U krijgt ook een grotere invloed binnen de Pro League.
'Natuurlijk, maar ik vind de maatschappelijke impact belangrijker. Standard is eigenlijk een tweetalige club. Een derde van de fans is Nederlandstalig, vooral Limburgers. Zo kan ik ook het Belgische karakter van het land benadrukken, want het loopt fundamenteel verkeerd. Er lopen mensen rond die vertellen dat Walen luieriken zijn, en profiteurs. En wat nog allemaal. Terwijl Franstalig België de Vlamingen die er zijn komen werken of wonen, altijd met open armen heeft ontvangen. Wat mij erg stoort, is de haat die wordt gekweekt in Vlaamse scholen tegenover Franstaligen.'
Overdrijft u nu niet?
'Nee, mijn dochter, die tweetalig wordt opgevoed, leert op school dat men in de negentiende eeuw het Frans heeft verplicht en dat de Vlamingen geen Nederlands mochten spreken. Allez, dat klopt niet. In de negentiende eeuw was het Frans de enige manier voor een Limburger om met een West-Vlaming te spreken. Er bestond nog geen Algemeen Beschaafd Nederlands.'
Toch valt het op als een Vlaamse zakenman een Waalse club in handen krijgt.
(windt zich op) 'Ik ben geen Vlaming. Ik ben Belg. Trouwens, ik ben ooit even Waal geweest. Ik heb enkele jaren in de provincie Namen gewoond. Ik ben tweetalig opgevoed en ik doe hetzelfde met mijn kinderen. Ik heb me daarom enorm geërgerd aan een artikel in Le Soir waarin werd gesuggereerd dat het niet kon dat een Vlaming de beste Waalse club zou kopen. Ik vind dat gedoe over Vlamingen en Walen voorbijgestreefd. Is Marc Wilmots nog een Waal? Neen, want hij is Vlaming geworden door in Gingelom te gaan wonen. Zo absurd is onze wetgeving.'
Natuurlijk profileert u zich nu als Belg, om de Waalse fans te paaien.
'Neen, ik denk precies hetzelfde als vroeger. Toen Vivant gelanceerd werd in 1997, haalde Vivant meer stemmen in Wallonië dan in Vlaanderen. We profileerden ons als een Belgische partij. We vonden die taalkwesties irrelevant. Alleen is de wetgeving in ons land zo absurd dat je politieke stem wordt beperkt door je taal. En kun je als Vlaming niet voor Reynders stemmen en als Waal niet voor Verhofstadt. Dat is krankzinnig. Dat is een ontsporing van de democratie in ons land.'
Terug naar het voetbal. U woont vlak naast Stayen, het voetbalstadion van STVV. U bent via uw vriendin eigenaar van dat stadion. Hebt u opmerkingen gekregen van Truienaren over uw overstap? Want STVV en Standard zijn aartsvijanden, zeker door de vele Limburgse fans bij Standard.
'Het ligt gevoelig. Maar er zijn spelers die veranderen van ploeg. Trainers doen het ook, dus waarom zou de voorzitter niet van ploeg kunnen veranderen? Het laatste gebeurt wel niet vaak. (lacht) Maar ik hoor geen negatieve opmerkingen meer. In het begin was er wat stemmingmakerij van een groepje fans van STVV, maar eigenlijk is dat heel snel weggeëbd.'
Maar u draagt als vriend van de eigenaar van Stayen wel twee petjes.
'Waarom is dat een probleem? Er zijn nog voorbeelden van clubs die geen eigenaar zijn van hun stadion. Cercle en Club Brugge moeten onder mekaar ook afspraken maken over het gebruik van hun stadion.'
En clubliefde? Is dat dan niet belangrijk?
'Ja, maar je moet die stap mentaal zetten. Spelers moeten dat ook doen na een transfer. Je hebt daar een zekere tijd voor nodig. Ik heb nog veel sympathie voor STVV, maar als ik hier rondloop op dit geweldige trainingscentrum, dan voel ik me goed in de rol van stuurman van Standard.'
Toch blijft geld investeren in voetbal de beste en snelste manier om uw geld te verliezen.
'Er zijn nog andere manieren om geld te verliezen. (lacht) Je kunt je geld ook vergokken.'
Vele voetbalvoorzitters hebben al veel geld verloren aan hun club. U ook bij STVV?
'Ik heb geld geïnvesteerd in STVV waarvan ik weet dat ik het niet zal terugzien. Ik weet hoeveel, maar het heeft geen zin om dat bedrag te noemen. Ik ken het. Dat volstaat en ik lig daar niet wakker van.'
Het moet wel een geweldig gevoel zijn om niet wakker te moeten liggen van zulke verliezen.
'Dat is inderdaad zo. Dat heeft voor- en nadelen. Stel dat er hier verlies is en je past dat zomaar bij, dan is dat niet bevorderlijk voor het goede management van een club. Anderzijds moet je er met een club als Standard voor gaan en moet je investeren om Europees te spelen. Doordat we niet zoveel tijd kregen om onze vertrekkende spelers te vervangen, hebben we duur moeten inkopen. De loonmassa is zelfs na het vertrek van Defour, Witsel, Carcela en Mangala gevoelig gestegen. We hebben immers snel spelers moeten halen, onder meer drie internationals uit Israël, Venezuela en Uruguay.'
U kreeg veel kritiek voor die uitgaande transfers. Duchâtelet heeft nu al zijn investering terugverdiend, werd geroepen en geschreven.
'Dat is een simplistische redenering. Je moet spelers verkopen om je budget rond te krijgen en om het operationele verlies te compenseren. Je zou ook de prijs van de abonnementen kunnen verhogen, maar dat willen we niet. Deze club moet voor iedere fan betaalbaar blijven. De inkomsten van de abonnementen zijn slechts tien procent van ons budget.'
Europees voetbal is erg belangrijk, zegt u. Daarom dacht ik net dat u er alles aan zou doen om Steven Defour en co. te houden, omdat de kampioen dit jaar rechtstreeks geplaatst is voor de groepsfase van de Champions League.
'Toen ik hier arriveerde, waren Defour en Witsel met hun hoofd echt al ergens anders. Het was onmogelijk om hen hier te houden. Er waren beloftes gedaan door het vorige bestuur. Carcela ook. Mangala wilden we niet laten gaan.'
Is Europees voetbal haalbaar?
'Dat moet, er is geen alternatief. We hebben hier voor het eerst een budget opgesteld, gebaseerd op Europees voetbal. Als we niet Europees spelen, dan zijn we niet geslaagd in onze objectieven. Ik denk dat we een redelijke ploeg hebben, met een goede sfeer in de kleedkamer en met een goede sportieve en technische staf. Maar je bent natuurlijk nooit zeker. We hebben ons gewapend. Door goede spelers aan te werven en door een competente sportieve en technische staf op poten te zetten.'
En als het niet lukt, dan moet u bijpassen?
'Dat is niet onwaarschijnlijk.'
Uw vorige trainer, Guido Brepoels, beschreef u in 'Extra Time' als een man die niet kijkt naar de volgende wedstrijd, maar die drie, vier jaar verder kijkt.
'Dat is ook zo. Er zijn daar twee voorbeelden van. Ik ben de man die het Belgische vrouwenvoetbal op de kaart heeft gezet en ik heb het kunstgras geïntroduceerd. Ik voorspel u dat de meeste eersteklassers in België over tien jaar op kunstgras voetballen. Ik heb nogal de neiging om goed na te denken over wat de beste oplossing is. Daarin zal mijn opleiding als ingenieur wel een rol spelen.'
In 'Extra Time' werd lacherig gedaan over uw gebrek aan voetbalkennis. Stoort u dat?
'Als voorzitter ben je organisator en coach. Ik hou me wel bezig met het sportieve beleid. Ik zeg niet wat de trainers moeten doen, maar ik probeer hen te volgen. Ik vraag wat ze doen en waarom ze dat doen. Dan zijn ze verplicht om harder na te denken over hun beslissingen.'
'En als ze zeggen dat ik niks van voetbal ken, dan zegt dat meer over die mensen dan over mij. Ik zeg niet dat ik een kenner ben. Vroeger zei ik zelf dat ik er niks van kende, maar ik heb ondertussen wel wat bijgeleerd. Ik probeer me te omringen met mensen die het beter weten. Ook in het zakenleven. Voor het overige ben ik zéér ongevoelig over wat anderen van mijn denken.'
U bent nog altijd politiek actief. Hoe leest u de huidige crisistoestand?
'De uitspraak van Bart De Wever is mij bijgebleven. Als hij zegt dat hij electoraal zal profiteren als de onderhandelingen mislukken, dan illustreert dat volgens mij dat de N-VA, en alle andere politieke partijen, vooral met zichzelf bezig zijn, met hun eigen marktaandeel. Zij denken niet aan het algemeen belang.'
'Ik vraag me af of politieke partijen hun beste tijd niet gehad hebben. Zoveel ideologische verschillen zijn er trouwens niet meer. Alle partijen zijn sociaal, ecologisch en voor de vrije markt. Is het niet beter om een aantal managementteams samen te stellen die zich presenteren aan de kiezers? Bijvoorbeeld een team met Verhofstadt, die mensen rondom zich verzamelt over de taal- en partijgrenzen heen. Ik vergelijk het een beetje met presesverkiezingen in mijn studententijd.'
'Kijk naar China. Die zijn al jaren bezig met een economische groei van tien procent. En China is geen democratie, hé. Dat is zo'n managementteam. Die worden niet gehinderd door al dat gezever in de gazetten en de politieke spelletjes.'
U bent eerste schepen voor de Open VLD in Sint-Truiden. U wilt volgend jaar burgemeester worden?
'Als de mensen in Sint-Truiden massaal zeggen dat ik de man ben die zij willen om de zaak hier te regelen, dan word ik graag burgemeester. Maar ik doe dat alleen met een groot mandaat van de kiezers. Ik doe niets half-en-half.'
Zijn uw politieke kansen niet gedaald door uw 'transfer' naar Standard Luik?
'Ik denk dat ik in Sint-Truiden als schepen al mooie dingen gerealiseerd heb. Ik hoop daarom dat de kiezers een onderscheid maken tussen een politiek mandaat voor hun stad of het voorzitterschap van een voetbalploeg in Luik. Trouwens, STVV is in goede handen achtergebleven. Ik denk dat het huidige bestuur beter is dan toen ik er was. De fans zullen me mijn overstap dus wel vergeven.'